In gesprek

Op 1 januari 2028 moeten alle pensioenfondsen zijn overgestapt op de nieuwe pensioenregeling. Wat houdt de vernieuwing in? Wat betekent de pensioentransitie voor deelnemers? En waar staan de pensioenfondsen, in aanloop naar het nieuwe pensioenstelsel? Patrick Fey, CNV vicevoorzitter en pensioenonderhandelaar, vertelt wat er verandert, wat hetzelfde blijft en hoe de pensioenfondsen ervoor staan.

Waarom stappen we over op een nieuw pensioenstelsel?

We hebben het beste pensioenstelsel van de wereld. Maar het werd steeds duidelijker dat de huidige regels niet meer passen bij de tijd waarin we leven. Mensen veranderen steeds vaker van baan. Of ze werken een tijdje als zzp’er en wisselen dat in voor werken in loondienst.

En daar komt nog eens bij dat er steeds meer kritiek was op de huidige regels.

De pensioenfondsen moeten, in het huidige stelsel, hoge buffers aanhouden. Om risico’s op te vangen. Mensen zagen dat er veel geld in kas zat bij de pensioenfondsen. En toch konden de pensioenen jarenlang niet omhoog. Dat knelt natuurlijk. Als dat jaar in jaar uit gebeurt, dan loopt het vertrouwen in het pensioenstelsel een deuk op.

‘Het oude pensioenstelsel was toe aan een goede onderhoudsbeurt, zodat het beter aansluit bij de arbeidsmarkt van nu.’

Dat probleem is er in de nieuwe pensioenregeling niet. De buffers zijn lager, waardoor pensioenfondsen de pensioenen eerder kunnen verhogen. Goed dus, dat het pensioenstelsel toekomstproof wordt gemaakt. Zie het als een onderhoudsbeurt op een systeem wat een halve eeuw werkte, maar aan verandering toe is. Het nieuwe pensioenstelsel past veel beter bij de arbeidsmarkt van nu en de loopbaanstappen die mensen maken.

Wat gaan deelnemers merken van die verandering?

In de kern niet zoveel. Al het goede uit het huidige pensioenstelsel blijven behouden. Veel blijft dus hetzelfde. Als deelnemer blijf je, samen met je werkgever, geld inleggen voor je pensioen. Dit geld wordt, ook in de nieuwe pensioenregeling, gezamenlijk belegd voor alle deelnemers. En we delen mee- en tegenvallers met elkaar. Net als nu. Daarnaast krijg je je leven lang pensioen. Al word je 110. Je geliefden zijn verzekerd van nabestaandenpensioen als je komt te overlijden. En jijzelf bent beschermd tegen arbeidsongeschiktheid. Kortom: de deelnemers merken niet veel van de veranderingen.

‘Al het goeds uit het huidige pensioenstelsel blijft behouden. In de basis verandert er dus niet veel voor deelnemers.’

En wat verandert er?

Het geld komt in de vernieuwde pensioenregeling eerder bij de deelnemers terecht. De pensioenfondsen hoeven namelijk minder hoge buffers aan te houden. Als er goede rendementen worden behaald op beleggingen, kunnen de pensioenen dus sneller omhoog als de financiële situatie dat toelaat. Daar profiteren de deelnemers dus direct van. Maar het eerlijke verhaal is: je merkt het ook eerder als de economie minder draait. Wel zijn er zijn goede afspraken gemaakt over hoe we dat opvangen. Maatregelen die ervoor zorgen dat het pensioen zo koopkrachtig en stabiel mogelijk is.

Welke maatregelen zijn dat precies?

Dan moet je denken aan buffers. De solidariteitsreserve, in vakjargon. Dat is een spaarpot die we omdraaien als het economisch tegenzit. Daarmee worden de pensioenen gestabiliseerd. Zo gaan de pensioenen niet direct omlaag als het even tegenzit op de financiële markt. Belangrijk. Want je wilt natuurlijk wel dat het pensioen zo stabiel mogelijk is. En pensioenfondsen spreiden mee- en tegenvallers bij de beleggingsresultaten. Dus je krijgt een mogelijke tegenvaller niet ineens. Ook meevallers worden verspreid over de tijd.

De pensioenen hebben wel last van grote, langdurige economische malaise. Al is dat met de huidige regels ook het geval. Pensioen wordt nu eenmaal belegd. Vallen de beursresultaten tegen, dan werkt dat door in de pensioenen.

Dit blijft er allemaal hetzelfde in de nieuwe pensioenregeling:
Je krijgt pensioen zo lang je leeft
Mee- en tegenvallers delen we samen
Jij en je werkgever blijven samen geld inleggen voor pensioen
Je pensioenfonds blijft het geld beleggen
Er blijft pensioen voor je nabestaanden, per pensioenfonds is dit wel anders geregeld. Vraag hiernaar bij jouw eigen pensioenfonds
Je krijgt AOW

Zijn er ook deelnemers die nadeel ondervinden van de pensioentransitie?

Ja, dat klopt. Dat gaat met name om mensen in de leeftijd van 40 – 60 jaar. Voor hen is het nadelig dat de ‘doorsneesystematiek’ wordt afgeschaft. In de huidige pensioenregeling leggen jongeren naar verhouding meer in dan ouderen. Omdat de ingelegde euro van een jongere langer kan renderen, levert die meer op. Een jongere medewerker betaalt daardoor mee aan het pensioen van een oudere. Halverwege het werkzame leven komt er een omslagpunt en gaat een oudere medewerker profiteren van de inleg van een jongere. Die overdracht gaat stoppen. En om dat te compenseren voor de mensen tussen de veertig en zestig is er een compensatie. Het uitgangspunt is dat het verwachte pensioen ná omzetting voor bijna iedereen minstens even hoog is als het verwachte pensioen vóór het omzetten.

Waar staan de pensioenfondsen nu in de transitie?

Het omzetten van pensioenen is een complexe monsterklus voor pensioenfondsen. Spannend, zowel op ICT- als administratief vlak. En toch is meer dan de helft van de pensioenfondsen al succesvol overgestapt op die nieuwe pensioenregeling. Ook een aantal grote. Dat sterkt het vertrouwen. Tweede belangrijke punt, of hoop eigenlijk, is dat de overgang plaatsvindt als de economie goed draait, waardoor de pensioenen omhoog kunnen. En dat is, tot nu toe, goed gelukt. Gepensioneerden en deelnemers in algemene zin uit de zorg, bouw, metaalsector en horeca gingen er direct fors op vooruit. Gemiddeld genomen gaat het om een pensioenverhoging van 14%. Natuurlijk geven de behaalde resultaten geen garanties voor de toekomst. Of en hoeveel het pensioen stijgt, hangt nauw samen met de stand van de economie en hoe pensioenfondsen er op dat moment financieel voorstaan. Er is geen zekerheid dat deze trend doorzet.

Patrick Fey

is CNV vicevoorzitter en pensioenonderhandelaar. Hij behartigt daarmee niet alleen CNV-belang, ook die van werkenden en anders actieven op pensioengebied. Een grote uitdaging. ‘Het is mijn missie de hervorming van het pensioenstelsel te laten slagen, om daarmee de huidige generatie gepensioneerden én ook hun kinderen en kleinkinderen van een goed pensioen te laten genieten. Het nieuwe is dat als je jobhopt of aan de slag gaat als zzp-er, je pensioen daar beter op aansluit.